|
Aan de leden van het OGT,
In 2010 is het gebruikersoverleg BRT door het
Kadaster en (voormalig) VROM ingericht. Deze brief gaat in op de wijze waarop
OGT en BRT samenwerken. Daarnaast worden twee (kandidaat) bestuursleden
voorgesteld.
Om met de bestuursleden te beginnen: het gaat om
Edward Verbree en Niek van Leeuwen, werkzaam resp. bij TU Delft en CBS. Niek
is al jaren betrokken bij het OGT, Edward sinds 2009. Formeel worden
bestuursleden door stemming tijdens de ledenvergadering in hun rol gekozen. Wegens een te lage opkomst in mei 2010 is deze ledenvergadering
niet doorgegaan, daarom stelt het bestuur de volgende procedure voor: Edward
en Niek worden gekozen in het bestuur, op voorwaarde dat voor 23 maart 2011
geen bezwaren van leden binnenkomen bij de secretaris van het OGT (Frans Rip,
Frans.Rip@wur.nl
Het niet
doorgaan van een ledenvergadering/studiedag is een unicum in de historie van
het OGT. Een lage opkomst is overigens wel een keer eerder voorgekomen: vaak
is sprake van een te groot aantal parallelle bijeenkomsten, je kunt niet
overal naar toe. In het najaar gebeurde hetzelfde: de studiedag was vlak voor
het GIN-congres. Het is mede om te voorkomen dat alle agenda’s dichtslibben
dat het OGT de samenwerking met het BRT zoekt: de belangen liggen dicht bij
elkaar en met name studiedagen zijn bij uitstek
geschikt om te combineren.
Wat betreft
contributie: u betaalt over 2010 geen contributie. De contributie over 2011 bedraagt
€ 35,-.
De komst
van het BRT houdt niet in dat het OGT ophoudt te bestaan, of dat het zijn
bestaansrecht kwijt is. Gebruikersoverleg is een bij wet verplicht onderdeel
van basisregistraties: de gebruikersraad is de uitwerking hiervan. Het OGT en
het BRT ondersteunen beiden de gebruikersraad. Een rolverdeling zal in de
loop van 2011 gemaakt worden.
Zoals
bekend is een behoorlijk aantal basisregistraties in gebruik of in fase van
oplevering. Het is een goede zaak als de gebruikersinvloed bij verschillende
basisregistraties op uniforme wijze wordt opgezet. Extra aandacht zal nodig
zijn voor de samenhang van de registraties: dat is een complex gebeuren waar
studiedagen van het OGT al meerdere keren aan gewijd zijn.
Op dit
moment is nog niet duidelijk of het BRT goed functioneert, of de belangen van
de eindgebruikers goed aan bod komen. Het overleg op 16-11-2010 en 2-2-2011
jl. is in ieder geval hoopgevend. Duidelijk was dat anderhalf/twee uur
overleg te kort is om recht te doen aan inhoudelijke discussies. Het overleg
is geschikt om de onderwerpen te verzamelen en te verduidelijken zodat ze op
een ander moment uitgediept kunnen worden, bijv. tijdens de studiedagen.
Ander goed
nieuws is dat het nieuwe ministerie, I&M, aangeeft meer contact te willen
met de eindgebruikers. Het OGT kan hier het aanspreekpunt voor blijven.
De
doelgroep van het OGT, de eindgebruikers, zijn over het algemeen niet
bijzonder geïnteresseerd in de complexe (politieke) besluitvormingstrajecten
die leiden tot TOP10NL: ze hebben TOP10NL nodig en die moet tijdig en met
goede kwaliteit beschikbaar zijn. Het meedenken over kwaliteit en nuttige
wensen, met daarbij een goede (en diepgaande) technische onderbouwing, is wat
het OGT de afgelopen jaren heeft geleverd: oplossingsgericht en collegiaal
richting Kadaster.
Die rol en
invulling hoopt het OGT ook bij het gebruikersoverleg BRT te vinden, we
zullen in ieder geval met die intentie onze bijdragen leveren. Over een jaar
willen we het gebruikersoverleg BRT evalueren en op dat moment is ook
relevant in hoeverre het OGT zelfstandig doorgaat.
Tijdens het
BRT-overleg van 16-11 is het voorstel gedaan om aandacht te blijven geven aan
de projecten waar TOP10NL bij gebruikt wordt. De studiedagen hebben op dit
punt enthousiasmerend gewerkt, het Kadaster waardeert dit bijzonder. Naast
‘moppersessies’ over prijs/kwaliteit/afbakening werkzaamheden Kadaster
(onderwerpen voor de Gebruikersraad) is van belang dat gebruikers van
topografie een plaats houden waar ze als vakgenoten positieve (maar ook
negatieve) ervaringen en oplossingen kunnen uitwisselen. Deze rol wil het OGT
graag blijven vervullen. Met aandacht voor topografie in brede zin, dus ook
afstemming met andere basisregistraties en andere beschikbare topografieën
(Google Earth, Open street maps e.d.). Op LinkedIn zijn we hier binnen de
groep OGT
(http://www.linkedin.com/groups?home=&gid=1160747&trk=anet_ug_hm) een
discussie over gestart: bij deze de uitnodiging lid
te worden van deze groep en te participeren in de discussie(s).
Het formeel
afhandelen van fouten en wensen kan dan via de overlegstructuur van het BRT
plaatsvinden: het BRT is het sluitstuk waar financier/leverancier/user elkaar
ontmoeten. Het OGT blijft de onafhankelijke stichting die ‘het geweten’ van
het Kadaster zal blijven voeden.
In 2011
kunt u opnieuw studiedagen verwachten, vanuit de combi BRT/OGT. De data
hiervoor zijn al bekend: 24 maart (met ledenvergadering) en 6 oktober. De
locatie is nog niet definitief bekend, we hopen weer bij Alterra in
Wageningen terecht te kunnen.
Wellicht
maar vooral ook graag tot ziens op een van de volgende studiedagen/workshops.
Namens het
bestuur,
Ir. H.F.
van der Werf
info@informatiewerf.nl
06 2808
8536
Toekomst
voor gebruikersparticipatie?!
Het OGT, Overlegplatform Gebruikers Topografie, is na 10 jaar functioneren
een gebruikersplatform met bewezen kwaliteiten. Hoe ziet deze gebruikersgroep
haar toekomst als onderdeel van een authentieke registratie?
Terugblik: het OGT start in 1997 op initiatief van de RAVI, prof. Dr. Ir. A. Bregt en de TDN, met aandacht voor de doelgroepen
bedrijfsleven, waterschappen, provincies, gemeenten, het Rijk, nutsbedrijven
en onderwijs. Gebruikers van topografische bestanden vinden elkaar en de
leverancier via dit platform en wisselen succesvol informatie, ideeën en
visies uit.
De TDN (tegenwoordig TD Kadaster) moet in het begin even wennen: hoe gedraagt
zo’n onafhankelijke groep zich: als vakbond, of
opdrachtgever, of partner? Waar willen ze zich mee bemoeien? En gebruikers
vragen zich af of de TDN oren heeft. Dit gezonde wederzijdse wantrouwen maakt
plaats voor inspiratie: de leverancier weet wat gebruiker nodig hebben en gebruikers
ervaren dat een leverancier graag luistert.
In 1997 ligt de focus vooral op TOP10-vector. Een aantal grote
veranderingstrajecten dient zich aan:
- De overgang van de TDN van het Ministerie van Defensie
naar het Kadaster;
- De overgang van een cartografisch naar een objectgericht
bestand (TOP10NL);
- De introductie van Authentieke Registraties, i.c. de
werkgroep Topografie met als uitkomst dat TOP10-vector een basis kan en moet
zijn voor de basisregistratie Topografie;
- Voltooiing en verdere ontwikkeling van de GBKN, dat het
idee voedt dat een schaalloos bestand op termijn
mogelijk is;
- Ontwikkeling van het Hoogtebestand Nederland en daarmee
de visie voor een drie -dimensioneel bestand.
- Verandering van focus: meer op uitwisseling, verbreding
naar de kadastrale kaart en evt. de tijd als vierde dimensie;
- De uitwisseling van (plan)-bestanden en daarmee de
wens voor hoge actualiteit.
Een gebruikersplatform ontwikkelt zich hierdoor ook. Vormen blijven hetzelfde
(overleg met de leverancier, werkgroepen, studiedagen, uitwisseling over
fouten en wensen, visievorming) maar de inhoud is veranderd.
En het OGT heeft een ‘deja-vu als het gaat om de
samenwerking met de leverancier. Het Kadaster moet wennen aan een
onafhankelijke gebruikersgroep. Ook nu ontdekt de leverancier dat een
dergelijk platform vooral positieve kanten heeft. Dit heeft geleid tot een
positionering van het OGT in het Kadaster-systeem.
Dus: grote uitdagingen en uitermate boeiend werk voor een gebruikersgroep.
Geen vergadering is saai, agendapunten te over, onderwerpen, sprekers voor
studiedagen zijn op bestuursvergadering binnen 15 minuten gevonden en worden
druk bezocht.
De zorg van het OGT. Een paar punten:
- De uitrol van TOP10NL vertraagt.
Jammer, we hadden het ‘feestje’ van de TDK al in mei 2006 willen vieren;
- De implementatie van de authentieke registraties
duurt lang. Jammer, het idee is zo goed, o.a. vanwege de duidelijke aandacht
voor gebruikersinvloed;
- De beschikbare tijd voor OGT-werkzaamheden.
Hierover wat meer.
Bij de start, zo’n 10 jaar geleden, was het
gemakkelijker dan nu om binnen een dienstverband tijd te krijgen voor
‘zoiets’ als een gebruikersgroep. Dit is veranderd, bij alle doelgroepen.
Veel OGT-werk gebeurt in vrije tijd. Het bestuur vindt dit
een (te groot) risico: borging van gebruikersinvloed is in de huidige
situatie onvoldoende.
Het nut voor een gebruikersorganisatie staat niet ter discussie: niet bij het
Kadaster, niet bij VROM en zeker niet bij de gebruikers zelf. Het OGT
is het platform waar actuele kennis zit over de werkelijk toegevoegde waarde
van de topografische bestanden. En waar dus, vanuit die kennis, zeer
efficiënt (visie voor) productontwikkeling en productverbetering mogelijk is.
Niet voor niets is gebruikersinvloed duidelijk gepositioneerd in het stelsel
van basisregistraties.
Door alle nieuwe ontwikkelingen (IMGEO door ZH gemeenten, Basisregistraties,
KLIC-on-line, etc.) begint het de (eind) gebruiker
langzaamaan te duizelen. Het is waar dat deze
(eind)gebruiker vertegenwoordigd is in het bestuurlijke circuit, maar de
praktijk leert dat deze bestuurders over het algemeen matig op de hoogte zijn
van de dagelijkse praktijk op de werkvloer. Ondertussen worden de (eind)gebruiker in wisselende samenstellingen her en der
via werkgroepjes betrokken. Maar de doorsnee (eind)gebruiker is de draad
kwijt. Zelfs bestuursleden van het OGT, die over het algemeen zeer betrokken
zijn, verliezen het zicht op alle ontwikkelingen.
Het OGT voert al enkele jaren overleg met VROM. VROM communiceert dat de
uitrol van de authentieke registratie voor topografie op korte termijn kan
starten. Ambtelijke molens draaien langzaam, dat is bekend, dus wat is een
korte termijn? Hier zit onze zorg: het duurt (te ) lang.
De uitrol van TOP10NL zal een grote dynamiek creëren. Het bestand zelf, maar
vooral de afstemming met de andere bestanden zal leiden tot het ontdekken van
fouten, het ontstaan van wensen en nieuwe visies. En dit gebeurt op korte
termijn.
Het OGT wil een goede invulling van haar doelstelling. Daar is meer voor
nodig dan de 70 euro per lid per jaar. Dat bedrag willen we echter handhaven.
Want wat werkelijk nodig is betreft ondersteuning vanuit de gedachte van
‘authentieke registratie’. Het moet mogelijk zijn een constructie te vinden dat
een onafhankelijk gebruikersplatform borgt. Dit is o.i. een ander en veel
kleiner vraagstuk dan financiering van gegevensverstrekking, positionering
van actoren en andere politiek lastige issues. Dit
is een vraag richting VROM.
Het OGT weet dat alle betrokkenen, i.c. gebruikers, leverancier, VROM,
positief zijn. Nog één stapje verder en dan is het primaire proces, nl. de
beschikbaarheid van kwaliteit goede landsdekkende
bestanden, een stuk beter geborgd.
Namens het bestuur,
Ir. H.F. van der Werf
Voorzitter OGT.
Verslag STUDIEMIDDAG
8 november 2006, Locatie Alterra, Wageningen
Aanwezig: circa 37 leden +
Harrie van der Werf, Jan van Sambeek, Chris de
Haas, Frans Rip (not.) +
2 kadaster-medewerkers (Hans Jense en Hans van Kampen)
GBKN
De middag begon met een presentatie van Leen Murre
(GBKN), waarin hij uiteen zette hoe nu de stand van zaken is m.b.t. GBKN als
aangemelde basisregistratie. Naar zijn zeggen is het voor 95% rond. Tevens
gaf hij er een beeld van hoe de GBKN-data samenhangt met de overige
basisregistraties, zoals de basisregistratie Topografie (= Top10NL).
Top10NL voortgang
Daarop was er een korte presentatie door Nico Bakker
(Kadaster) om de stand van zaken m.b.t. Top10NL neer te zetten. Kernpunt was,
dat de uitlevering begin 2007 zal plaatsvinden. Nieuwe
aspecten ervan zullen zijn, vanwege de status als basisregistratie: het
verplicht gebruik door overheidsinstellingen, de terugmeldplicht
van gebruikers als een fout wordt ontdekt, een periode van 24 uur waarbinnen
het Kadaster moet reageren op terugmeldingen, de opzet van een register met
'objecten in onderzoek', en de instelling van een interne en externe
kwaliteitscontrole.
Na de pauze: Vz
nodigt aanwezigen uit voor het lidmaatschap van het OGT-bestuur, met name om de bloedgroep 'Gemeenten' in te vullen.
Top10NL dataset
Het programma werd voortgezet met het belangrijkste onderdeel: een levendige duopresentatie door Peter Lentjes (Alterra) en Nico
Bakker van de evaluatie door Peter Lentjes van de pionierdataset
van Top10NL. Daarin werd gedetailleerd ingegaan op de situatie van de
gebruiker die binnenkort het nieuwe bestand krijgt, in een nieuwe
objectgeoriënteerde structuur en in een nieuw dataformat. Dat stelt eisen aan
de gebruiker en aan de software, maar biedt ook veel mogelijkheden. Tijdens
de presentatie en de discussie werd geconcludeerd dat met
name voor ESRI-software de standaard FME-reader nog erg beperkt is in
z'n mogelijkheden om het GML-format te lezen. Nico Bakker nam zich voor bij
ESRI aan te kaarten of er geen uitgebreidere versie van FME beschikbaar kan
worden gesteld.
Met deze voordracht werd de
studiemiddag afgesloten met de uitreiking door Nico Bakker aan de aanwezigen
van een topo-matroesjka (handgeschilderd). De powerpoint presentaties van de sprekers, evenals het
evaluatierapport van Peter Lentjes, zullen beschikbaar worden gemaakt via de
OGT website www.ogtweb.nl
|